Breinstimulerende therapieën
Behandeling van een probleem is bij voorkeur gericht op de
oorzaak ervan, maar bij AD(H)D is nog weinig bekend over de
oorzaken. Wel wordt steeds meer bekend over de manier waarop de
hersenen werken. Zo wordt ook duidelijker wat de verschillen zijn
tussen mensen met en zonder AD(H)D, als het gaat om hoe de
activiteit van de hersenen eruit ziet en welke hersenfuncties goed
en minder goed werken.
Executieve functies
Twee vormen van therapie, neurofeedback en Cogmed
werkgeheugentraining, zijn gericht op deze verschillen in
executieve functies. In de Panther (Project ADHD &
EEG-Neurofeedback Therapy) en Worm (WORking Memory training)
projecten van Karakter en UMC St Radboud in Nijmegen worden op dit
moment grootschalige onderzoeken naar deze therapieën gedaan.
Onderzocht wordt of de therapieën effect hebben, bij welke kinderen
met welke vorm van AD(H)D ze effect hebben en of het effect
voldoende is om in het dagelijks leven een verbetering te laten
zien. Lees meer over executieve
functies.
Neurofeedback
Neurofeedback staat op dit moment sterk in de belangstelling,
maar is niet nieuw. Het werd in 1965 bij toeval ontdekt tijdens
slaaponderzoek bij poezen. Het bleek dat de poezen konden leren hun
eigen EEG (een onderzoek waarbij met elektroden op de hoofdhuid de
elektrische activiteit van de hersenen wordt gemeten) te
beïnvloeden. Door ze te belonen bij een bepaalde activiteit van de
hersenen, op het EEG scherm zichtbaar als golven, leerden ze deze
activiteit langer vol te houden.
De hersenactiviteit wordt bij een EEG zichtbaar als golven in
verschillende frequenties. Bij AD(H)D zien we een afwijkend
golfpatroon. Door middel van belonen en 'straffen' wordt het kind
getraind om het gewenste golfpatroon voort te brengen. Dat gebeurt
met een computerspel: met de verschillende golffrequenties kan het
kind het spel besturen. Als hij de gewenste frequenties gebruikt,
wordt hij in het spel beloond. Lukt dat niet, dan lijdt hij in het
spel verlies.
Het is een vorm van onbewust leren. Hoewel het kind wel bewust
met de hersentraining bezig is, hoeft hij buiten de behandeling om
niet bewust de juiste golven te produceren. De hersenen hebben dit
nu geleerd en daarom zou het steeds meer 'vanzelf' gaan, zoals dat
ook bij kinderen zonder AD(H)D vanzelf gaat. Daarom zou
neurofeedback ook blijvende resultaten hebben.
Cogmed werkgeheugentraining
Bij AD(H)D zien we dat er problemen zijn in de controlefuncties
van de hersenen, de zogenaamde executieve functies. Een van de
executieve functies is het werkgeheugen, dat wil zeggen het
vermogen om informatie tijdelijk vast te houden en te bewerken. Het
werkgeheugen speelt een belangrijke rol in het dagelijks leven: met
een goed werkgeheugen kun je beter plannen, redeneren en
reflecteren en het heeft ook effect op het lange-termijngeheugen.
Problemen met het werkgeheugen leiden tot problemen met
automatiseren en daardoor hebben kinderen met een slecht
functionerend werkgeheugen heel vaak ook problemen met leren. Een
Zweedse professor in cognitieve neurowetenschappen, dr. Torkel
Klingberg, ontwikkelde een methode om het werkgeheugen te trainen.
Zijn Cogmed programma wordt ook in Nederland gebruikt. Het Cogmed
programma heeft drie versies voor verschillende leeftijdsgroepen.
Het is een intensief programma: vijf trainingssessies per week,
gedurende vijf weken.
Braingame Brian
Braingame Brian is een therapeutisch computerspel voor kinderen
met AD(H)D, ontwikkeld is door Pier Prins (hoogleraar Klinische
Ontwikkelingspsychologie aan Universiteit van Amsterdam), Albert
Ponsioen (neuropsycholoog bij Lucertis NH) en Esther ten Brink
(psychotherapeut bij Lucertis kinder- en jeugdpsychiatrie in
Zaandam).
Braingame Brian is gericht op het trainen en verbeteren van
executieve functies. Deze functies zijn belangrijk bij organiseren,
plannen en houden van overzicht. Veel kinderen met AD(H)D hebben
problemen met deze controle functies.
Braingame Brain richt zich niet alleen op het trainen van het
werkgeheugen. Kinderen trainen met dit spel ook hun vermogen om
impulsen te onderdrukken (inhibitie) en de cognitieve flexibiliteit
(het schakelen tussen verschillende taken die ook verschillend
gedrag vragen).
Het spel bestaat uit 25 sessies van drie kwartier. Het kind
speelt één sessie op een dag, en bij voorkeur vier sessies per
week.
In Balans Magazine 9 (2010) stond een artikel over Braingame
Brian.
Lees
verder: Diëten
Laatste wijziging: 14-05-2012
Gerelateerd