print logo

Antwoord Kamervragen: 'geen overbehandeling van ADHD'

Kamerleden van de SP, PvdA en GroenLinks stelden in september 2010 vragen over de diagnosticering en behandeling van kinderen met ADHD en over de betrokkenheid van de farmaceutische industrie. De staatssecretaris van VWS, Veldhuijzen van Zanten-Hullner, beantwoordde op 8 december 2010 de vragen van PvdA en SP. Hieronder een korte samenvatting van de reactie van de staatssecretaris.

Staatssecretaris: "Er vindt in Nederland geen overbehandeling plaats van kinderen met ADHD."

Over onjuiste diagnosticering van ADHD

In Nederland is een diagnostiekprotocol met gestandaardiseerde instrumenten beschikbaar voor diagnostiek rondom ADHD, waarin rekening gehouden wordt met leeftijd en achtergrond van de patiënt. Diagnostiek wordt uitgevoerd door BIG geregistreerde professionals. De staatssecretaris gaat ervan uit dat deze professionals bekend zijn met de beschikbare protocollen en werken met deze protocollen en instrumenten. Hierdoor worden de kansen op een onjuiste diagnose geminimaliseerd.

Over de stijging van het aantal jonge kinderen met de diagnose ADHD

De kennis over ADHD is de laatste jaren toegenomen. Het wordt steeds beter en eerder herkend, waardoor kinderen sneller in zorg komen. Tevens spelen ontwikkelingen als het verminderen van het taboe op psychiatrische stoornissen en het steeds ingewikkelder worden van de maatschappij waardoor kinderen eerder tegen problemen aanlopen een rol bij het toegenomen aantal jeugdigen dat in behandeling komt bij de jeugd GGZ.

Toename aantal gebruikers en voorschriften

Cijfers van de Stichting Farmaceutische Kengetallen (SFK), laten zien dat er inderdaad sprake is van een forse groei in het aantal voorschriften en gebruikers van methylfenidaat, het middel dat gebruikt wordt tegen ADHD klachten. Dit geldt zowel voor jeugdigen als voor volwassenen. De cijfers laten het volgende zien:

Aantal gebruikers:

  • In de leeftijd groep 0-10 jaar is het gebruik tussen 2005 en 2009 jaarlijks met zo'n 16% gegroeid. Behalve in de periode tussen 2006 en 2007, toen is er een uitschieter geweest van 25%.
  • In de leeftijdsgroep 11-20 jaar is het gebruik tussen 2005 en 2009 jaarlijks met zo'n 17% gegroeid. Behalve in de periode tussen 2006 en 2007, toen is er een uitschieter geweest van 20%.

Aantal voorschriften:

  • Met betrekking tot het gebruik van methylfenidaat bij kinderen van 0 - 10 jaar is het gebruik in 2009 in vergelijking met 2005 meer dan verdubbeld. In 2005 was het gebruik 2,5 miljoen standaard dagdoseringen (DDD). In 2009 is dat gestegen naar 5,4 miljoen DDD.
  • Met betrekking tot het gebruik van methylfenidaat bij kinderen van 11-20 jaar is het gebruik in 2009 in vergelijking met 2005 meer dan verdubbeld. In 2005 was het gebruik 6,3 miljoen DDD's. In 2009 is dat gestegen naar 14,1 miljoen DDD's.
  • Bij volwassenen (21 jaar en ouder) is het gebruik ook meer dan verdubbeld, namelijk van een gebruik van 4 miljoen DDD's in 2005 naar een gebruik van 10,5 miljoen DDD's in 2009.

Over de uitslagen van de MTA studie op langere termijn

Uit de eerste MTA-studie bleek dat afname van ADHD symptomen na 14 maanden het grootst was bij de jeugdigen die behandeld werden met medicatie, al dan niet in combinatie met gedragstherapie. Na dit onderzoek gingen de deelnemers verder met een behandeling naar eigen keuze in de eigen omgeving. Daarna zijn er twee follow up studies gedaan onder dezelfde personen, één na 24 maanden en één na 36 maanden.

Bij de follow up studie na 36 maanden werd geconstateerd dat de verschillen tussen de jeugdigen die tijdens de eerste 14 maanden werden behandeld met medicatie en de jeugdigen die tijdens de eerste 14 maanden niet werden behandeld met medicatie, waren verdwenen. Of voortzetting van de intensieve medicatiebehandeling na 14 maanden wel geleid zou hebben tot meerwaarde bij de 36 maanden meting is dus niet bekend.

Over voorschrijven van medicatie zonder verdere (gedragstherapeutische) behandeling

Er is een multidisciplinaire richtlijn ADHD, waarin gesteld wordt dat de behandeling van ADHD over het algemeen op twee pijlers rust, te weten medicamenteuze behandeling en gedragstherapeutische/psychosociale behandeling. Navraag bij het Landelijk Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie leert dat wanneer in een behandeltraject ADHD gestart wordt met medicatie, dit vrijwel altijd in combinatie is met een psychosociale/gedragstherapeutische behandeling. Als deze behandeling tot de gewenste resultaten heeft geleid, kan worden volstaan met alleen medicatie met periodieke controle.

Over ADHD in de klas

Onderzoek heeft uitgewezen dat als leraren goed zijn in het bieden van structuur voor zorgleerlingen, dit ook een positief effect heeft op de 'reguliere' leerlingen in de klas. Goed klassenmanagement is essentieel om in de klas een leerklimaat te creëren waarin alle leerlingen kunnen werken. In het beleid rond passend onderwijs is deskundigheidsbevordering van leraren op het gebied van het omgaan met zorgleerlingen dan ook een belangrijk speerpunt. Kleinere klassen zijn niet in alle gevallen een oplossing.

Over de rol van de farmaceutische industrie bij de toename van ADHD-medicatiegebruik

De rol van de farmaceutische industrie bij het voorschrijven van medicatie in het algemeen wordt gecontroleerd door de Stichting Code Geneesmiddelen Reclame.

De registratie autoriteiten European Medicines Agency en College ter Beoordeling van Geneesmiddelen wegen de werkzaamheid en veiligheid van ontwikkelde geneesmiddelen af en laten de middelen toe op de markt. Het is aan de professional om af te wegen of hij dit middel voorschrijft, rekening houdend met de professionele richtlijnen.

Het staat alle partijen vrij een klacht in te dienen bij de Stichting Code Geneesmiddelen Reclame over ongeoorloofde (publicitaire) druk van de farmaceutische industrie.

Op de site van de rijksoverheid leest u de volledige tekst van de vragen en beantwoording van vragen van Lea Bouwmeester (PvdA) en de volledige tekst van de vragen en beantwoording van vragen van Kooiman, Van Gerven en Smits (allen SP).

Tekst: Miriam de Heer, 13 december 2010

 

Laatste wijziging: 02-05-2012

Advies- en Informatielijn

(0900) 20 200 65

Open: ma-vr 9.30-13.00 uur
Kosten: € 0,25 per minuut

Ledenadministratie

(030) 225 50 50

Open: ma-vr 9.00-17.00 uur
Kosten: normaal tarief

Mail Balans

Adresgegevens:

Postadres:

Postbus 93
3720 AB Bilthoven

Contact met Balans

Bezoekadres:

Soestdijkseweg-Zuid 217
3721 AD Bilthoven

twitter | facebook
Copyright 2012 Steunpunt ADHD  | Disclaimer