Aandachts- en concentratiestoornissen
Kinderen met AD(H)D vinden het moeilijk om hun aandacht op een
taak te richten, die aandacht vast te houden en zich niet door
allerlei prikkels te laten afleiden.
Verstoorde prikkelverwerking
Met 'prikkels' bedoelen we alles wat met de zintuigen wordt
waargenomen: wat we zien, horen, voelen, proeven en ruiken.
Kinderen met AD(H)D kunnen onbelangrijke prikkels lang niet altijd
naar de achtergrond van hun bewustzijn dringen. Ze horen
bijvoorbeeld op school niet alleen de leerkracht praten, maar ze
horen ook de auto op straat, het vliegtuig in de lucht, het gekraak
van de stoel naast zich. Ze zien niet alleen wat de leerkracht op
het bord schrijft, maar ze zien ook die leuke tekening naast het
bord en de strepen op de trui van hun buurman.
Het kost ze extra veel energie om zich dan toch te kunnen
concentreren en de onbelangrijke prikkels te negeren. Dat komt niet
door een hoge of lage intelligentie of doordat ze zich niet willen
concentreren, het komt doordat hun hersenen anders werken (zie Oorzaken en erfelijkheid
van AD(H)D).
Verschillende soorten aandachtsproblemen
Er zijn verschillende soorten aandachtsproblemen. Kinderen met
AD(H)D kunnen te maken hebben met één of (meestal) meer van deze
problemen. We onderscheiden:
- problemen met het richten van de aandacht; het is moeilijk om
aan een taak te beginnen
- problemen met het selecteren van belangrijke prikkels; het is
moeilijk om te kiezen tussen belangrijke en onbelangrijke
details
- problemen met het vasthouden van de aandacht; het is moeilijk
om weerstand te bieden aan afleidende prikkels
- problemen met informatieverwerking (vooral bij kinderen met
ADD): door langzame informatieverwerking ontstaat ook gevoeligheid
voor afleidende prikkels
- problemen met het (gericht) verplaatsen van de aandacht; het is
moeilijk om van de ene taak op de andere over te stappen,
bijvoorbeeld na een rijtje 'plus-sommen' een rijtje 'min-sommen'
maken
Niet altijd snel afgeleid
Het verwarrende is dat kinderen met AD(H)D niet altijd snel
afgeleid zijn. Ze kunnen zich wel goed concentreren op spannende
films, computerspelletjes of andere zaken die hen interesseren. Aan
buitenstaanders ontlokt dit vaak de opmerking "Ze kúnnen het wel,
als ze maar wíllen." Kinderen met AD(H)D kunnen zich inderdaad wel
concentreren, maar ze hebben daar een veel sterkere prikkel voor
nodig. Met andere woorden: alleen als ze iets verschrikkelijk
interessant of leuk vinden, kunnen ze zich gemakkelijk
concentreren. En dan kunnen ze ook volledig opgaan in dat wat hen
bezighoudt. Dit verschijnsel wordt hyperfocus genoemd. In andere
gevallen kost het ze veel meer inspanning dan andere kinderen om
hun aandacht erbij te houden.
Lees
verder: Hyperactiviteit
Laatste wijziging: 02-05-2012