Bijkomende stoornissen
In 50-90% van de gevallen gaat AD(H)D samen met andere
(psychiatrische) stoornissen. Deze kunnen het gevolg zijn van
AD(H)D, maar veel vaker betreft het een tweede of derde stoornis
naast de AD(H)D. In vaktermen noemt men dit comorbiditeit.
Daarnaast zijn er een aantal syndromen die samengaan met
AD(H)D-verschijnselen.
Stoornissen in het autistisch spectrum, zoals PDD-NOS
Kinderen met PDD-NOS hebben meer moeite om te begrijpen wat er
in anderen omgaat en kunnen in sociale situaties niet flexibel
reageren. Dat maakt hen vaak angstig en zeer gehecht aan een
betrouwbare en voorspelbare omgeving. Zij houden niet van
verandering. Deze kinderen kunnen zich soms heel druk gedragen, net
als sommige kinderen met AD(H)D. Er is dan ook een overlap tussen
de twee stoornissen. Dat zorgt nogal eens voor verwarring bij het
stellen van een diagnose.
Lees
meer bij PDD-NOS
Agressieve gedragsstoornissen, zoals ODD en CD
Van de kinderen met ADHD heeft 30-50% ook ODD
(oppositioneel-opstandige gedragsstoornis) en/of CD (agressieve
gedragsstoornis). Dit geldt niet voor kinderen met ADD.
Kinderen met ODD zijn vaak tegen de draad in. Ze hebben weinig
geduld, zijn snel kwaad en voelen zich gauw beledigd. Kinderen met
CD zijn vaak opstandig en ongehoorzaam, net als kinderen met ODD.
Het verschil is dat zij daarnaast ook gemeen of gewelddadig gedrag
vertonen: liegen, stelen, anderen opzettelijk (lichamelijk) kwetsen
en benadelen, eigendommen van anderen vernielen.
Lees
meer bij ODD-CD
Motorische stoornissen, zoals DCD/dyspraxie
Veel kinderen met AD(H)D hebben problemen met de motoriek,
vooral in de fijne motoriek. Het dichtknopen van een jas, strikken
van veters, tekenen en schrijven zijn moeilijker voor hen. Een
tegenwoordig internationaal gebruikte term hiervoor is DCD
(developmental coordination disorder). Vroeger sprak men wel
van dyspraxie. Een kind met DCD heeft moeite met het plannen
en uitvoeren van bewegingen.
Lees
meer bij DCD/dyspraxie
Angst- en stemmingsstoornissen
Kinderen met ADHD hebben in 25% van de gevallen last van
angststoornissen, het gaat dan vaker om meisjes. Kinderen met een
depressieve stemmingsstoornis zijn somber, voelen zich eenzaam,
denken dat niemand van hen houdt. Ze kunnen de gedachten aan
negatieve gebeurtenissen niet van zich afzetten en zijn passief en
teruggetrokken.
Ticstoornissen
Van de kinderen met ADHD heeft 10% last van tics:
grimassen/trekkingen in het gezicht of plotselinge bewegingen met
armen of benen. Ook snurkgeluiden, kuchen en neusophalen kunnen
duiden op een ticstoornis. Het is belangrijk een kind nooit uit te
lachen om zijn tic en hem ook nooit ervoor te straffen. Spanning
zorgt er namelijk voor dat tics erger worden. Naast de tics en de
hyperactiviteit kunnen ook angst- en dwangklachten optreden en kan
er sprake zijn van agressiviteit.
Leerstoornissen
Sommige kinderen hebben, ondanks een hoge of gemiddelde
intelligentie, problemen met schoolse vakken zoals lezen of
rekenen. Zijn deze problemen in ernstige mate aanwezig en zijn ze
nauwelijks te beïnvloeden door remedial teaching, dan spreken we
van leerstoornissen:
- dyslexie (leesstoornis)
- dyscalculie (bij rekenstoornissen)
- dysorthografie (bij spellingstoornissen)
- dyspraxie (bij bewegingsstoornissen)
- dysfasie (bij spraak-taalstoornissen)
Tussen de 20 en 30% van de kinderen met AD(H)D heeft last van
een leerstoornis. Dat is een tamelijk hoog percentage. Het is
onbekend hoe dat komt, maar het tijdig aanpakken hiervan werkt niet
alleen voordelig op de schoolprestaties, maar ook op het gevoel van
eigenwaarde van het kind.
Lees
verder: Syndromen met
AD(H)D-verschijnselen
Laatste wijziging: 02-05-2012